Rensky.nl       1 O allerhoogste Majesteit, Die in het rijk der heerlijkheid De heem'len hebt tot Uwen troon, Wij roepen U, in Uwen Zoon, Die voor ons heeft genoeg gedaan, Als onzen Vader need'rig aan. 2 Geheiligd word' Uw Naam; ai, geef, Dat elk, waar hij op aarde leev', Dien Vadernaam erkennen moog', Uw deugden roeme hemelhoog; Dat elk, als kind, aan U gelijk' En in zijn doen Uw beelt'nis blijk'. 3 Uw koninkrijk koom' toch, o Heer'! Ai, werp den troon des satans neer! Regeer ons door Uw Geest en Woord; Uw lof word' eens alom gehoord, En d' aarde met Uw vrees vervuld, Totdat G' Uw rijk volmaken zult. 4 Uw wil geschied', Uw wil alleen, Als in den hemel, hier beneen; Uw wil is altoos wijs en goed; 't Is majesteit, al wat Gij doet. Dat ieder stil daarin berust'; En Uw bevelen doe met lust. 5 Geef heden ons ons daag'lijks brood; Betoon Uw trouwe zorg in nood Gij weet, wat elk op aard' behoev'. Dat ons dan geen gebrek bedroev'; Dat nooit Uw zegen van ons wijk'; Die maakt alleen ons blijd' en rijk. 6 Vergeef ons onze schulden, Heer'! Wij schonden al te snood Uw eer. De boosheid kleeft ons altijd aan Wie onzer zou voor U bestaan, Had Jezus niet voor ons geleen? Wij schelden kwijt, die ons misdeen. 7 Leid ons in geen verzoeking ooit, Verberg voor ons Uw aanzicht nooit! Gij weet het, onze kracht is klein; De driften veel, en 't hart onrein. Wat wordt er van ons in dien staat, O Vader, zo Gij ons verlaat? 8 Verlos ons uit des bozen macht; Bescherm, en sterk ons door Uw kracht Wij zijn toch zwak, Zijn sterkt' is groot; Dus zijn w' elk ogenblik in nood. Hier komt nog vlees en wereld bij, Ai, sterk ons dan, en maak ons vrij. 9 Want Uw is 't Koninkrijk, o Heer', Uw is de kracht, Uw is al d' eer! U, die ons helpen wilt en kunt, Die in Uw Zoon verhoring gunt, Die door Uw Geest ons troost en leidt, U zij de lof in eeuwigheid. 10 Ja, Amen, trouwe Vader, ja; Wij maken staat op Uw gena! Ons hart, o God, die alles ziet, Veroordeelt ons in 't naad'ren niet; Het zegt, daar G' op ons bidden let, Gelovig "Amen" op 't gebed. Mattheüs 6:9-13 9 Bidt u dan zo:  Onze Vader, Die in de hemelen zijt. Uw Naam worde geheiligd. 10 Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op de aarde. 11 Geef ons heden ons dagelijks brood. 12 En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij onze schuldenaren vergeven. 13 En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de  boze. Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Amen. Lukas 11:2-4 2 Hij zei tegen hen:  Wanneer u bidt, zeg dan: Onze Vader, Die in de hemelen zijt. Uw Naam worde geheiligd. Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel, zo ook op de aarde. 3 Geef ons elke dag ons dagelijks brood. 4 En vergeef ons onze zonden, want ook wij vergeven aan iedereen die ons iets schuldig is. En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze.