Rensky.nl       1 Wij danken U, barmhartig God, Beschikker van ons deel en lot, Voor Uwe hoed' en trouwe wacht, Ons weer betoond in dezen nacht. 2 Verleen ons, na genoten rust, Opnieuw gezondheid, kracht en lust, Daar 't lichaam, door den slaap verkwikt, Zich weder tot den arbeid schikt. 3 Dat wij ons ambt en plicht, o Heer', Getrouw verrichten tot Uw eer. Dat Uwe gunst ons werk bekroon', Uw Geest ons leid' en in ons woon'! 4 Zie op ons neder in gena, Opdat ons werk voorspoedig ga, En scheld ons alle misdaan kwijt, O Heer', die vol ontferming zijt. 5 Verlicht ons hart, dat duister is, Wil ons, naar Uw getuigenis, Doen vlieden alle kwade paan, En ijv'rig in Uw wegen gaan. 6 Schenk Uwen zegen bij Uw Woord; Het rijk des satans word' verstoord; Sterk leraars, sterk onz' overheid, In 't werk, door U hun opgeleid. 7 Troost allen, die in nood en smart, Tot U verheffen 't angstig hart. Maak ons in tegenspoeden stil, Hoor ons, o God, om Jezus' wil.